Hermans stropdas was de perfecte verstopplek voor drugs

 

Gitarist David Hollestelle: "Ik heb mijn lesje geleerd. Geen drugs meer. Wel nog rock-'n-roll"
Gitarist David Hollestelle: "Ik heb mijn lesje geleerd. Geen drugs meer. Wel nog rock-‘n-roll" © KRO-NCRV

Han Lips is columnist van Het Parool. Doordeweeks schrijft hij hier over wat hem is opgevallen op televisie. Vandaag: een zaal vol wallen en groeven bij de Herman Brood-special van De Reünie.

In een klaslokaal hadden ze niet zo veel te zoeken, dus kwam Herman Broods begeleidingsband Wild Romance samen in Paradiso voor een speciale uitzending van De Reünie, omdat het overlijden van de frontman in juli vijftien jaar geleden is. 

Een vrij aardige vondst van het programma, aangezien de ene smakelijke anekdote de andere in rap tempo opvolgde. Nippend aan een glaasje warme melk met Grand Marnier moest Lips constateren dat de seks, drugs en rock-‘n-roll zijn sporen had achtergelaten bij de bandleden en achtergrondzangeressen: enorme wallen en diepe groeven tekenden de gezichten. 

Bombita Lies Schilp vertelde hoe de touringcar eens staande werd gehouden aan de Zwitserse grens. Moest Herman uitleggen waarom hij zo veel blauwe plekken op zijn onderarm had. “Diabetes,” had ie gezegd. Maar toen vond de douane een zakje speed in zijn kont.Gitarist David Hollestelle hield zich ook niet in, als Herman weer eens een paar gram uit zijn stropdasknoop toverde. Drie weken coma en twee nieuwe hartkleppen, maar Hollestelle voelt zich als een twintigjarige. “Ik heb mijn lesje geleerd. Geen drugs meer. Wel nog rock-‘n-roll.”


Het mooiste verhaal kwam van Carine, die vroeger nog gewoon geluidsman Kees was. Ze vertelde hoe Kees zich tussen die seksende, snuivende en spuitende meute begaf, met onder zijn gitzwarte kleding een kanten slip. 

Herman had Carine veel kracht gegeven, omdat hij altijd voor change was. “Dank je wel, vriend,” riep Carine hem toe in een op het dak van het Hilton gefilmd fragment.

Ineens was het stil in Paradiso. Zelfs manager Koos ‘the show must go on’ van Dijk hield even zijn mond dicht. De eerste die na het eropvolgende applaus iets kon uitbrengen was gitarist Hollestelle. Hij wist nog dat Kees vrij groot geschapen was. “Zonde, eigenlijk.”