‘Rol van informant OM dubieus’

In he

Een drugshond op de lading waarin in april 2015 400 kilo cocaïne werd ontdekt.

Een drugshond op de lading waarin in april 2015 400 kilo cocaïne werd ontdekt. © NOS

DRUGSSMOKKELHet proces rond de corrupte douanier Gerrit G. kent een nieuwe hoofd­rolspeler. Het is informant Mustafa B.

In het omvangrijke onderzoek naar de drugssmokkel rond de corrupte douanier Gerrit G. (55) is een ‘oude bekende’ opgedoken. Mustafa B. die eind jaren negentig een rol speelde in de nasleep van de beruchte IRT-affaire, heeft verklaringen over een groot aantal verdachten afgelegd bij justitie. Betrokken advocaten vinden het onbegrijpelijk dat het OM met hem in zee is gegaan, want B. heeft de reputatie onbetrouwbaar te zijn. 

De raadslieden van de hoofdverdachten in het mega-onderzoek zijn er van overtuigd dat Mustafa B. door het Openbaar Ministerie (OM) als informant wordt gebruikt. In meerdere dossierstukken is B.’s naam weggekalkt of zijn alleen zijn initialen gebruikt. ,,Zijn rol is dus dubieus.”

Rechtbank
Het OM is terughoudend in haar commentaar. ,,Hij is getuige en wordt bij de rechter-commissaris gehoord. Verder zeggen we niets.” Advocaat Jan Boone stelt dat de rechtbank alle onderzoeken moet stoppen totdat het OM openheid geeft over de rol van B. ,,De rechtbank en wij worden gewoon in de maling genomen.” B. (49) heeft, naar nu blijkt, in november vorig jaar en afgelopen januari bij de politie verklaringen afgelegd die in het onderzoeksdossier zijn gevoegd.

Wij worden gewoon in de maling genomen

Jan Boone (advocaat)

Verdachten René F., Marco E. en Henk F.

Verdachten René F., Marco E. en Henk F. © AD

Daaruit blijkt dat de man tot in detail op de hoogte is van de zaak rond de corrupte douanier Gerrit G. en de medeverdachten. Hij zegt één van de hoofdverdachten, Schiedammer René F. (48) al 30 jaar te kennen. Via hem kent hij ook Dennis van den B. (45) uit Berkel en Rodenrijs, die net als René F. wordt verdacht van de invoer van honderden kilo’s cocaïne. 

Ook is B. door de politie ondervraagd over drugsbaron Henk E. (64) uit Schiedam. Henk E. wordt ervan verdacht ondermeer 400 kilo cocaïne te hebben ingevoerd, daartoe een douanier te hebben omgekocht en ‘concurrent’ René F. te hebben willen liquideren. Ondanks zijn kennis van details en alle hoofdpersonen is B. geen verdachte in de zaak.

IRT-affaire
Eind jaren negentig speelde B. een hoofdrol in de IRT-affaire. Hij was informant voor de politie, maar duidelijk werd destijds ook dat hij tegelijkertijd betrokken was bij de invoer van drugs. Ook nu is hij omstreden, stellen betrokken advocaten. Tijdens een verhoor door de recherche heeft B. verklaringen afgelegd die belastend zijn voor René F. en zijn voormalig kameraad – en verdachte -Dennis van den B.

B. woonde in januari een tussentijdse rechtszaak bij. ,,Hij zat naar ons te zwaaien vanaf de publieke tribune”, zegt Marco E. (zoon van Henk E.), die net als zijn vader door justitie wordt beschouwd als één van de hoofdverdachten in de zaak. ,,Hij had een petje op om niet herkend te worden.”

Voor de advocaten van de hoofdverdachten staat het vast dat B. het OM van informatie voorziet. ,,Er is een verklaring waarin hij e-mailadressen en beveiligde adressen van een versleutelde telefoon doorgeeft”, zegt Rob Zilver, advocaat van Marco E. B. heeft onlangs geprobeerd om contact te krijgen met Marco.

Contact
Mustafa B . zelf ontkent betrokken te zijn. ,,Ik heb nooit een getuigenverklaring over de zaak afgelegd.” Op de vraag hoe het dan kan dat de verklaring, in het bezit van deze krant, door hem is ondertekend, blijft het stil. Het contact wordt verbroken.

,,In een regiezitting van januari is door ons gevraagd B. als getuige te horen, maar toen werden we door het OM weggehoond omdat er geen belang was”, reageert advocaat Louis de Leon. ,,Maar sinds november vorig jaar al is B. kind aan huis bij de politie om allerlei verklaringen af te leggen. En die worden ons onthouden. Overigens kan je bij deze man nooit zien of hij iets zegt uit eigen wetenschap. Hij is gevaarlijk.” Advocaat Boone haalt er een rapport van de Rijksrecherche uit 1999 bij. ,,Daaruit blijkt dat B. midden in een criminele organisatie zat. Hij is dus een criminele infiltrant.”