Bij de politierechter: de docent draait door

Bij de politierechter komen elke dag zaken langs die niet wereldschokkend zijn, maar vaak wel herkenbaar. Zoals deze zaak.

De Parade is een jaarlijks rondtrekkend openluchtfestival voor culturele fijnproevers. Bezoekers kunnen er zich te goed doen aan wijn en eten uit alle windstreken en genieten van theater, zang en dans. De editie in Scheveningen had afgelopen jaar een onverwachte afsluiter: een universitair docente diergeneeskunde die uit blinde woede fietsen in de rondte smeet.

Hoogste tijd

De vrouw, een jaar of 40, heeft onze rechtbanktekenaar die links achter haar zit al snel opgemerkt en probeert nu precies zo te zitten – en krampachtig te blijven zitten – dat hij haar gezicht niet ziet.Ze schaamt zich kapot. Stokstijf verscholen achter haar halflange geblondeerde lokken doet zij haar verhaal. Het was één uur ’s nachts. De festiviteiten op het Parade­terrein zijn afgelopen en de docente is op weg naar haar fiets wanneer er een plensbui losbarst boven Scheveningen. Snel duikt ze met andere bezoekers een festivaltent in om te schuilen. Na een kwartier, als de regen afzwakt, besluit ze het erop te wagen. Ze zoekt haar spullen bij elkaar en merkt dan dat haar handtas weg is. Bankpassen, fietssleutel, huissleutels, portemonnee… alles weg. Ze stapt op een beveiliger af, maar die verzoekt haar dringend het terrein te verlaten. Het is al bijna half twee. Hoogste tijd. Maar haar tas dan?

”Helaas mevrouw, komt u morgen maar terug.”
”Maar hoe kom ik dan thuis?”
”U neemt maar een taxi, mevrouw.”
”Een taxi? En hoe betaal ik die dan?

Door het lint

De vrouw heeft voor het optreden van de beveiligers geen goed woord over.Ongeïnteresseerd, neerbuigend en asociaal, dat dekt de lading wel zo ongeveer. Ze geeft toe dat ze daarna door het lint ging. Ze heeft tegen een hek staan schoppen. Daar stonden een paar fietsen tegen. Die zal ze best geraakt hebben. Maar in de verklaringen die de beveiligers later zouden afleggen, herkent zij zichzelf niet. Ze is geen superheld. Ze kan onmogelijk fietsen meters in de rondte hebben geslingerd. Net zo min kan ze zich herinneren dat ze met beide voeten tegelijk, als een hooligan, op een liggende herenfiets heeft staan springen terwijl ze heel hard ’achterlijke mongolen’ schreeuwde. Ze was kwaad, dat wel. En in paniek. Ze kon haar huis niet in. Wie moest er dan de honden uitlaten?

Vreemd loopje

De officier van justitie vindt de vraag hoeveel fietsen en op welke manier zij die precies beschadigd heeft, niet erg interessant. Vast staat dat zij haar woede en frustratie heeft botgevierd op de eigendommen van onschuldige derden en dat kan niet. Niet ongestraft. Hij eist 150 euro boete. De advocaat van de docente doet daarna verwoede pogingen om vrijspraak te bepleiten. Hij komt aanzetten met wetenschappelijke studies over ’tijdelijke bewustzijnsvernauwing’ en ’psychische overmacht’ maar lijkt er zelf ook nauwelijks in te geloven. Toch helpt het, al zal het er ook mee te maken hebben dat de vrouw overduidelijk niet iemand is die van vandalisme een gewoonte maakt. Uitspraak: 150 euro boete voorwaardelijk. Met een vreemd loopje, bijna zijwaarts, verlaat de universitair docente de zaal. Haar rug naar de tekenaar.