Advocaten Holleeder richten pijlen op zussen en ex

Willem Holleeder (60) staat sinds februari 2018 terecht voor het geven van de opdrachten voor vijf liquidaties – waardoor uiteindelijk zes doden vielen. Verslaggever Paul Vugts houdt je in dit liveblog op de hoogte van het megaproces.

 

    1. ‘Er is een hoop te zeggen..’

      Rechtbankvoorzitter Frank Wieland geeft Sander Janssen het woord voor dag twee van zijn pleidooi. “Er is een hoop te zeggen over die zussen,” begint Janssen met een understatement.

      Hij wijst er op dat ‘de zaak drijft op getuigenverklaringen’ en dat het vrijwel altijd gaat om ‘één-op-één-situaties’ (waarin het gaat om het woord van de getuige tegen dat van Holleeder). “Dat maakt het lastig de waarheid te controleren.”

    2. Advocaten richten pijlen op zussen

      Op dag 56 van het proces en dag twee van het vijfdaagse pleidooi richten Holleeders advocaten Sander Janssen en Robert Malewicz hun pijlen op zijn zussen Astrid en Sonja, plus ex-vriendin Sandra den Hartog.

      Ze zullen de vloer aanvegen met de uitvoerige verklaringen van de vrouwen die het proces zo domineren. Waar Holleeder al meermaals sprak van ‘Jordaancabaret’ en van een gewiekst door Astrid gesponnen web van leugens (‘Zij weet hoe dat moet want zij is advocaat’) zullen de advocaten hun relaas met een scherp mes fileren.

      Ze zullen stellen dat de vrouwen, mogelijk uit financieel eigenbelang, de werkelijkheid naar hun hand zetten, terwijl de zussen decennialang zij aan zij hebben gestaan met hun broer. Het hele dossier is stoelt op getuigenverklaringen, maar die van de vrouwen kunnen het belangrijkst zijn voor de overtuiging van de rechtbank dat Holleeder een niets ontziende moordopdrachtgever is – meer dan dat ze keihard bewijs voor moorden bevatten.

      Nadat op de openingsdag van het pleidooi al de kroongetuigen zijn behandeld (de rechtbank moet hun biechten van de advocaten terzijde schuiven), volgen dinsdag de andere bijzondere getuigen. Daarna bespreken de advocaten donderdag de afzonderlijke moorddossiers en vrijdag de beweerde criminele organisatie.

    3. ‘U moet kritisch beoordelen’

      Resumerend zegt Janssen: “Dit alles maakt dat u (de rechtbank) terughoudend zult moeten zijn met het gebruiken van de verklaringen van Fred Ros. U moet niet eerst overtuigd zijn (van Holleeders schuld) en dan uit Ros’ en La Serpes verklaringen de elementen pakken die u kunt gebruiken, maar het moet andersom. U moet die verklaringen kritisch beoordelen en dan kijken of u daar bewijs in ziet.”

      Advocaat Janssen is klaar voor vandaag. Morgen gaat hij verder met de bespreking van de vele verklaringen van zussen Astrid en Sonja Holleeder en ex Sandra den Hartog. Hij zal met die verklaringen de vloer van de bunker aanvegen, dat is geen gewaagde voorspelling.

    4. Reeks getuigenissen

      Als Fred Ros niet de waarheid blijkt te hebben gesproken over de moord op Cor van Hout, zoals de overtuiging is van Janssen, ‘kan het Openbaar Ministerie hem niet in de lucht houden als kroongetuige’, vindt de advocaat.

      Hij stipt een lange reeks getuigenissen aan waaruit Ros zonneklaar oprijst als betrokkene bij de liquidatie van Van Hout.

    5. Goed of slecht?

      Janssen herhaalt wat hij al meermaals heeft gezegd: het eenzijdige requisitoir op grond waarvan het Openbaar Ministerie levenslang heeft geëist voor Holleeder ‘is geen verhaal op grond waarvan u (de rechtbank) recht kunt doen’.

      “Eerst is het ‘Alex de B. is goed en Ros is slecht.’ Dan is het ineens ‘Alex de B. is slecht en Ros is goed’.” Janssen haalt nog allerlei andere ‘wijzigingen van inzicht’ aan van het Openbaar Ministerie puur omdat Ros als kroongetuige per se als betrouwbaar moest worden neergezet.

      Kroongetuigen Peter la Serpe en Fred Ros staan op belangrijke punten lijnrecht tegenover elkaar, en ze kunnen niet allebei tegelijk de waarheid spreken, herhaalt Janssen, maar hij hoorde daarover niets in het requisitoir.

      Hij daagt officieren van justitie Sabine Tammes en Lars Stempher uit daarbij alsnog stil te staan in repliek (de reactie op het pleidooi).

    6. Gedraai

      “Het Openbaar Ministerie geeft met grote stelligheid precies een tegenovergestelde visie op precies hetzelfde feitencomplex,” zegt Janssen.

      Een belangrijke ooggetuige van de moord op Cor van Hout in 2003 die justitie eerst betrouwbaar vond, werd in hoger beroep van de liquidatiezaak Passage afgeserveerd omdat die Ros van betrokkenheid bij die liquidatie beschuldigde.

      Alex de B., die in de zomer van 2006 vertelde hoe Fred Ros hem had geworven om de criminele kroegbaas Thomas van der Bijl te liquideren en hem zwaar onder druk had gezet, werd eerst als betrouwbare getuige gebruikt en in een getuigenbeschermingsprogramma geplaatst. In hoger beroep zeiden de aanklagers dat De B. zich schromelijk moet hebben vergist, Ros verkeerd had begrepen of de waarheid bewust had verdraaid.

      Janssen: “U kunt zich voorstellen dat wij als advocaten blij zijn met dit soort gedraai van het Openbaar Ministerie. Het toont haarfijn aan hoe het Openbaar Ministerie omspringt met getuigen die wél en niet in het straatje passen.”

    7. Nieuwe elementen

      Het laatste half uur van deze openingsdag van zijn pleidooi besteedt advocaat Sander Janssen aan Fred Ros. Waar het Openbaar Ministerie hem in de rechtbank een leugenaar had genoemd, toen hij nog gewoon verdachte was, werd hij in het hoger beroep ineens als betrouwbaar neergezet, omdat hij kroongetuige was geworden.

      “Voortschrijdend inzicht en een verandering van visie kan best, maar dan moeten er wel nieuwe elementen zijn die zo’n verandering van visie rechtvaardigen. Dat is hier niet zo. Waar Ros’ relaas eerst niet paste in de visie van justitie, was dat in hoger beroep wél zo.”

      Dat Ros heeft gezegd dat hij geen reden heeft te liegen, is natuurlijk niet waar, zegt Janssen. Die reden kan heel goed zijn geweest dat hij strafvermindering wilde als kroongetuige.

    8. Obers

      Een derde verklaring van La Serpe waarin Holleeder figureert, gaat over een ontmoeting die hij met Holleeder én misdaadverslaggever Peter R. de Vries zegt te hebben gehad in een horecagelegenheid in Naarden.

      Volgens De Vries klopt niets van dat verhaal. Advocaat Janssen vindt het ook ongeloofwaardig. Dat bijvoorbeeld obers het verhaal van La Serpe schragen, kan volgens De Vries (en Janssen) komen doordat De Vries twee dagen achtereen in die horecagelegenheid was, in wisselend gezelschap. De obers kunnen die waarnemingen al die jaren later onbewust hebben samengevoegd.

    9. Osdorp eerst

      De tweede belangrijke verklaring voor de zaak tegen Holleeder, van kroongetuige Peter la Serpe, betreft de anekdote dat Willem Holleeder in zijn bijzijn op het Gelderlandplein in Amsterdam-Buitenveldert tegen Jesse R. zou hebben gezegd dat ‘Osdorp eerst’ moest (Kees Houtman, die in Osdorp woonde, moest als eerste van het dodenlijstje worden doodgeschoten).

      Janssen: “Dat is hij in een later stadium gaan zeggen, maar in zijn eerste verklaringen had Holleeder volgens La Serpe heel iets anders gezegd (‘Als deze (liquidatie) goed gaat, heb ik er nog een voor jullie (een moordopdracht).”

    10. Glibberigheid

      Advocaat Janssen vindt La Serpes stelling typerend dat Jesse R. hem zou hebben gezegd dat hij ‘de power van Holleeder achter zich had’, toen hij de opdracht had gekregen voor Holleeder diens rivaal Cor van Hout te liquideren.

      In een later verhoor zei La Serpe dat hij Cor van Hout eerder alleen had genoemd in dat citaat over die ‘power van Holleeder’ omdat hij aanvankelijk nog niet over Kees Houtman wilde praten. Dat ‘power van Holleeder’-verhaal ging in werkelijkheid over de opdracht voor de moord op Houtman.

      Janssen, nu: “Het toont de glibberigheid van La Serpe en zijn verklaringen.”

  • (On)betrouwbaar

    De raadsman verwacht niet van de rechtbank dat ze alles laat meewegen wat in de zaak Passage al over de (on)betrouwbaarheid van Peter la Serpe is gezegd. Bondig samengevat: La Serpe is onbetrouwbaar en als de rechters daar aan twijfelen kunnen ze dat opzoeken in dat Passage-dossier.

    Áls de rechtbank de getuigenissen van La Serpe al zou willen meewegen, zal bij zijn verklaringen extra steunbewijs moeten worden gezocht.

  • Priem

    In 2000 zou Peter la Serpe samen met Jesse R. nóg een aanslag hebben gepleegd, op drugshandelaar Ariën Kaale senior. Die werd met een priem neergestoken in Beverwijk. Kaale overleefde de aanslag. Hij is inmiddels een natuurlijke dood gestorven.

    Meerdere criminelen bevestigen dat La Serpe bij die aanslag betrokken was.

    Janssen: “La Serpe heeft in zijn criminele carrière geweld niet geschuwd.”

  • Drugshandelaar Gerrie Bethlehem

    Janssen haalt het dossier aan over de liquidatie in 2002 van drugshandelaar Gerrie Bethlehem in een loods. Twee ‘anonieme bedreigde getuigen’ F1 en F3, die de verdediging had aangevoerd in de liquidatiezaak Passage, zeggen dat La Serpe behalve bij de liquidatie van Kees Houtman ook bij die moord betrokken was.

    Hij zou dat vervolgens hebben verzwegen, wat een doodzonde zou zijn omdat La Serpe vanwege zijn kroongetuigendeal geen levensdelicten mocht verzwijgen. Twee andere, criminele, getuigen bevestigden het verhaal van F1 en F3.

    Janssen ziet in die vier getuigen ‘minst genomen’ sterke aanwijzingen dat La Serpe ook die moord op Bethlehem heeft gepleegd. “Stelt u zich eens voor dat het níet alle vier complotterige leugenaars zijn.”

  • Cherry picking

    Janssen is aanbeland bij zijn vierde een laatste hoofdstuk voor vandaag: de inhoud van de verklaringen van kroongetuigen Peter la Serpe en Fred Ros.

    Hij herhaalt wat ook in het hoger beroep in de liquidatiezaak Passage vaak aan de orde is geweest: La Serpe en Ros spreken elkaar op punten keihard tegen. Het Openbaar Ministerie plukt uit hun verklaringen alleen wat goed uitkomt, en negeert alle tegenstrijdigheden.

    Janssen: “‘Cherry picking 2.0’, heb ik hier in de kantlijn van mijn pleidooi geschreven.”

  • Fred Ros

    Terug van de lunchpauze zet advocaat Sander Janssen zich aan hoofdstuk 3 uit zijn pleidooi. Dat handelt over de tweede kroongetuige, Fred Ros. Die had zich in de aanloop naar het hoger beroep als spijtoptant gemeld, nadat de rechtbank hem 30 jaar cel had opgelegd in de zaak Passage.

    Ook aan Ros had het Openbaar Ministerie beloofd dat hij zijn misdaadwinstenniet hoefde af te staan, volgens Janssen ruwweg vier ton.

    Omdat het Openbaar Ministerie ‘daarmee bij La Serpe was weggekomen’, deed het Openbaar Ministerie Ros volgens Janssen dezelfde belofte af te zien van ‘een ontnemingsvordering’.

    De onderzoeksrechter heeft de deal van Ros volgens de raadsman niet halfslachtig getoetst, zoals bij La Serpe, maar níet.

    “In geen enkel moment is gekeken of het proportioneel was een kroongetuigedeal te sluiten met Ros, terwijl hij in de eerste ronde van de zaak bij de rechtbank door het Openbaar Ministerie was neergezet als de spin in het web.”

    Het OM had ook levenslang geëist tegen Ros, die volgens de aanklagers geen enkel respect of mededogen had getoond voor zijn slachtoffers en alleen uit was geweest op geldelijk gewin.

    In hoger beroep vond het Openbaar Ministerie niet levenslang maar dertig jaar cel ineens een redelijke eis, die kon worden gehalveerd omdat hij kroongetuige was geworden. (Levenslang valt vanzelfsprekend niet te halveren.)

    Fred Ros becijferde zelf dat hij ‘ruim boven de vier ton’ had gekregen van Dino Soerel en ‘moordmakelaar’ Ali Akgün (later geliquideerd in Istanbul). “Niemand binnen het Openbaar Ministerie vroeg zich af hoe men toch om moest gaan met die criminele baten,” zegt Janssen.

    Janssen roept de rechtbank op wél consequenties te verbinden aan het gegeven dat het Openbaar Ministerie, volgens hem, de kroongetuigen ook financieel heeft beloond. Anders leert justitie het nooit, is zijn redenering (en blijven biechten van kroongetuigen maar gekocht worden).

  • Pauze

    De rechtbank pauzeert tot kwart voor twee voor de lunch.

  • Te technisch

    Janssen gaat zeer uitvoerig en gedetailleerd in op kwesties rond kroongetuige La Serpe die in de liquidatiezaak Passage jarenlang zijn besproken. Het wordt geregeld te technisch voor dit liveblog. Te zeer voer voor ingewijden, vooral.

  • Getuigenbescherming

    Wat betreft de regeling rond de getuigenbescherming, een heel belangrijk punt voor hem, belooft Janssen ‘in vogelvlucht’ door de enorme debatten te gaan die daarover in de zaak Passage zijn gevoerd – ook door Janssen zelf, namens huurmoordenaar Jesse R.

    Een belangrijk punt zijn de volgens Janssen ‘zeer riante’ beloften die het Openbaar Ministerie aan La Serpe deed over de enorme bedragen waarmee hij zijn nieuwe leven zou mogen opbouwen nadat hij zijn celstraf zou hebben uitgezeten. Hij kreeg 1,4 miljoen euro verspreid over tien jaar om zijn beveiliging te regelen en een onderneming op te zetten op de geheime plek waar hij zou worden ondergebracht.

  • Holleederweglatingen

    La Serpe had in zijn nog geheime ‘kluisverklaringen’ al over Willem Holleeder als opdrachtgever voor moorden gesproken, maar van het Openbaar Ministerie had hij toestemming gekregen daarover te zwijgen (omdat hij anders geen deal wilde sluiten uit angst dat zijn familie wat zou overkomen).

    Dat deed hij pas gaandeweg de liquidatiezaak Passage – wat voor enorme ophef zorgde.

    Het gerechtshof oordeelde dat met die ‘Holleederweglatingen’ inbreuk was gemaakt op de eerlijkheid van het proces, maar verbond daar geen gevolgen aan omdat de raadslieden van de verdachten in Passage uiteindelijk alsnog uitgebreid de gelegenheid hadden gekregen La Serpe over Holleeder te verhoren.

    Janssen vindt dat de rechtbank het gedoe rond die aanvankelijke weglatingen uit La Serpes verklaringen wél zwaar moet wegen. Holleeder en zijn advocaten hebben niet de kans gehad tijdig ‘effectief onderzoek’ te doen naar die verklaringen.

    Daarin zegt La Serpe onder meer dat Holleeder in zijn bijzijn tegen Jesse R. had gezegd dat ‘Osdorp eerst‘ moest: dat Kees Houtman als eerste op de dodenlijst moest worden vermoord. Die woonde in een villa in Osdorp.

    La Serpe is immers zó vaak verhoord over zijn getuigenissen, dat hij inmiddels ‘zó door de wol geverfd was’ dat het weinig zin meer had hem nog namens Holleeder te verhoren in diens proces.

    “Zijn herinnering aan het gebeurde was inmiddels gewist en overschreven door alle verklaringen die hij in de rechtbank en bij het gerechtshof al had afgelegd.”

  • Peter la Serpe

    Na een koffiepauze hervat Sander Janssen zijn pleidooi voor Holleeder. Hij begint aan het bespreken van de deal met kroongetuige één: Peter la Serpe.

    La Serpe had bekend dat hij de handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman had geliquideerd, samen met huurmoordenaar Jesse R. Hij had ook bekend andere liquidaties mee te hebben voorbereid – die vervolgens (nog) niet plaatsvonden. Niet voor al die zaken is hij vervolgd – wat volgens Janssen al een beloning is.

    Ook kreeg hij volgens Janssen allerlei financiële, onrechtmatige, beloningen.

    Janssen vindt dat de volgens hem onrechtmatige toezeggingen aan La Serpe reden moeten zijn al zijn verklaringen terzijde te schuiven.

  • Te veel ruimte

    De rechtbank en het gerechtshof in de zaak Passage oordeelden als eersten in een grote zaak over de kroongetuigenregelingen. Janssen bespreekt hun vonnis en arrest.

    De rechtbank ging volgens Janssen de mist in en liet justitie veel te veel ruimte om zelf de getuigenbescherming te regelen, zonder serieuze rechterlijke toetsing(al mocht de getuigenbescherming ‘geen vrijplaats worden’ om binnen die regeling stiekem getuigen te belonen).

    Over het arrest van het hof is Janssen al wat beter te spreken, maar toch lang niet tevreden. Het hof oordeelde dat de deal over de getuigenis en die over de bescherming ‘gescheiden trajecten’ zijn waar verschillende afdelingen van het Openbaar Ministerie over gaan. Dat is volgens Janssen uitdrukkelijk niét zo: de deals horen volgens hem bij elkaar.

    Ook het hof ‘toetste’ de afspraken van justitie met de kroongetuigen niet of nauwelijks. “Dat is een heel vreemde afslag die het hof daar neemt.”

  • Stomme verbazing

    Janssen wijdt uit over alle politieke en ambtelijke discussies die zijn gevoerd over de toezeggingen die justitie aan (kroon)getuigen mag doen. Soms leidden die discussies tot Janssens ‘stómme verbazing’.

    De Eerste Kamer, bijvoorbeeld, moest toenmalig minister Piet-Hein Donner van justitie ‘keer op keer terugfluiten‘ als die weer eens veel meer wilde laten beloven aan getuigen dan de wet toestond waaraan járen was gewerkt.

    Janssen noemt het ‘spectaculair’ dat officieren van justitie Sabine Tammes en Lars Stempher, in navolging van de aanklagers in de liquidatiezaak Passage, de wetten en regels ‘naast zich neerleggen’ en de kroongetuigen in zijn ogen wél onwettig belonen voor hun biechten.

  • Uitgebreider inzicht

    In een nieuw hoofdstukje gaat Janssen in op de mate waarin eerst de onderzoeksrechter en later de uiteindelijke rechtbank door het Openbaar Ministerie moet worden ingelicht over de afspraken met de getuige over het getuigenbeschermingsprogramma.

    Volgens Janssen moeten de officieren van justitie wel degelijk véél uitgebreider inzicht geven in de deal dan tot nu is gedaan en zou de rechtbank dat moeten afdwingen.

    “Waarom is dit van belang, zult u zich misschien afvragen? Omdat u moet oordelen over de marges waarbinnen het Openbaar Ministerie beloften mag doen. Wettelijk gezien is er eigenlijk niks geregeld en is veel open gelaten. De enige die het nu toetst is het Openbaar Ministerie zelf. De slager keurt zijn eigen vlees. Dat is gek.”

    Peter la Serpe kreeg bijvoorbeeld meer dan een miljoen euro om (onder meer) zijn eigen beveiligingsmaatregelen te nemen, dit valt binnen ‘een grijs gebied’. “In de praktijk zien we dat de regeling problemen oplevert, namelijk in deze zaak.”

  • Geldelijk belonen

    Janssen duikt diep in de wet over de (beloning van) kroongetuigen en de amendementen daarop en de ‘memorie van toelichting’ daarbij.

    Het geldelijk belonen mag bijvoorbeeld ‘expliciet’ niet, stelt Janssen. Dat Peter la Serpe 65.000 euro aan ‘wederrechtelijk verkregen voordeel’ mocht houden van het Openbaar Ministerie (de helft van het bloedgeld dat Jesse R. en hij kregen voor het liquideren van de handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman) is dus tegen de regels. “Bij Fred Ros gaat het zelfs om meer dan vier ton.”

  • In detail

    Janssen zal zich flink moeten inhouden om niet te zeer in detail te treden. Hij is aan de Universiteit Leiden gepromoveerd op de regels en wetten omtrent kroongetuigen en is dé expert in Nederland op dat vlak.

    Hij heeft nu al drie keer vastgesteld dat hij moet oppassen dat iedereen hem kan volgen. “Je kunt er een boek over schrijven.” (Inderdaad, want dat boek schreef Janssen dus, in de vorm van een proefschrift).

    In dit liveblog zullen we de grote lijnen en grote stappen volgen, en niet de kleine tussenstapjes en wandelingen over zijpaden.

  • ‘In vogelvlucht’

    De raadsman neemt een aanloop naar het betoog dat hij gaat afsteken over de kroongetuigen. Wellicht hadden het Openbaar Ministerie en de rechtbank gehoopt dat hij het héél kort zou houden omdat in liquidatiezaak Passage alles al is gezegd – mede door Janssen overigens, die daarin huurmoordenaar Jesse R. verdedigde – maar zo is het niet.

    Janssen wil dat de rechtbank ‘een eigen oordeel velt’ en behandelt toch ‘in vogelvlucht’ de kroongetuigenregeling en de ‘stand van het recht’.

    “Daarna zal ik die stand van het recht toepassen op Peter la Serpe en Fred Ros (de twee kroongetuigen die een sleutelrol spelen in Holleeders zaak).”

    Aan de kroongetuigenregeling is sinds 1999 gewerkt, waarna die in 2005 in de wet is opgenomen.

    Janssen raadt de rechtbank aan het oordeel van ‘de commissie Oosting’ tot zich te nemen, die vaststelde dat een kroongetuige niet anders mag worden beloond dan met strafvermindering en bijvoorbeeld níet mag worden beloond door hem zijn misdaadwinsten te laten houden – wat volgens Janssen in deze zaak is gebeurd. “U bent er in twee uurtjes doorheen.”

  • Overweldigende mediaberichtgeving

    Advocaat Sander Janssen speelt op de videoschermen in de bunker in Osdorp een compilatie af van de overweldigende mediaberichtgeving. Het is een indrukwekkende berg publicaties die passeert, al is het maar een greep uit de enorme berg.

    De advocaat legt de vinger op zijn zware taak: binnen ‘de ongekende dynamiek’waarbinnen het proces zich afspeelt, niet verzanden in een wirwar van details, maar wel alle bewijzen bespreken.

    Janssen en Robert Malewicz kondigen aan dat zij níet zullen betogen dat Holleeder geen eerlijk proces krijgt omdat hij in veel media al lang en breed is veroordeeld. Wel vragen ze aandacht voor het gegeven dat ‘de zorgvuldigheid ver te zoeken lijkt’ in deze megazaak waar een verdachte toch als onschuldig moet worden gehouden totdat hij is veroordeeld.

    Janssen: “Het is geen ontwikkeling waarmee we als maatschappij blij moeten zijn en het is wachten op de volgende zaak waarin dit gebeurt, maar ik laat het bij die vaststelling.”

  • 55ste zittingsdag van start

    Rechtbankvoorzitter Frank Wieland opent de vijfenvijftigste zittingsdag en geeft advocaat Sander Janssen het woord voor dag één van vijf dagen pleidooi. Hij heeft 868 pagina’s voor te dragen.

    Vandaag zal hij met name spreken over kroongetuigen Peter la Serpe en Fred Ros – en de deals die zij sloten met het Openbaar Ministerie. Morgen gaat het vooral over ‘de zussen’.

    Volgende week volgen de andere bijzondere getuigen, de vijf moorddossiers en de bespreking van het beweerde lidmaatschap van de criminele organisatie dat Holleeder wordt verweten.

    Advocaten Sander Janssen (L) en Robert Malewicz komen aan bij de zwaarbeveiligde rechtbank.
    Advocaten Sander Janssen (L) en Robert Malewicz komen aan bij de zwaarbeveiligde rechtbank. © ANP
  • Advocaten beginnen aan pleidooi

    Het is alles of niets en het komt er nu op aan. In het grote liquidatieproces ‘Vandros’ tegen Willem Holleeder eisten aanklagers Lars Stempher en Sabine Tammes vrijdag zoals verwacht een levenslange gevangenisstraf, in een requisitoir dat vier dagen had geduurd.

    Zij zien volop bewijs dat Holleeder, samen met de al tot levenslang veroordeelde Dino Soerel en de in 2011 geliquideerde Stanley Hillis, de opdracht gaf voor vijf liquidaties (met zes doden tot gevolg) en enkele moordopdrachten.

    Holleeder en ieder ander had die strafeis verwacht.

    Nu is de beurt aan advocaten Sander Janssen en Robert Malewicz.
    Die zullen bepleiten dat het Openbaar Ministerie erg selectief winkelt in de enorme dossiers. Zij zullen allerlei andere mogelijke scenario’s in tal van moordscenario’s belichten.

    In de uitputtende onderzoeken die de recherche heeft gedaan naar de geruchtmakende liquidaties waarom deze zaak draait, zijn tal van andere rivalen in beeld gekomen die de slachtoffers óók uit de weg wilden ruimen.

    Voor het verweer van met name raadsman Janssen en diens kantoorgenoot Malewicz zijn vijf dagen ingeruimd: donderdag, vrijdag, dinsdag, donderdag en vrijdag.

    Na die exercitie trekt de rechtbank zich terug voor beraad.

    Het vonnis wordt geveld op 4 juli.

  • Janssen: ‘Strafeis geen verrassing’

    Sander Janssen, de advocaat van Holleeder, noemde de eis geen verrassing. Volgens hem heeft het OM lopen shoppen in de enorme hoeveelheid feiten die zich gedurende de zaak hebben aangediend. “Zij hebben daar alleen de feiten uitgepikt die in hun straatje passen. Daar zullen wij in ons pleidooi op ingaan.”

  • Strafeis inderdaad levenslang

    Het Openbaar Ministerie spreekt de strafeis uit: levenslang. Holleeder onderging het uitspreken van de eis bewegingloos. Na afloop voerde hij zo op het oog rustig overleg met zijn advocaten.

    Donderdag 7 maart start het pleidooi.

    Voorafgaand aan de eis stelde het OM dat Holleeder in de loop van zijn leven een spoor van vernieling had achtergelaten. “Hij had daarbij steeds maar een belang voor ogen, zijn eigen belang. Hij toonde zich als een dwingeland die zijn geduld verliest als hij zijn zin niet krijgt..”

    Volgens het OM stond hij zich nooit stil bij de gevolgen van zijn daden. “Tijdens de rechtszaak gaf hij keer op keer een geheel eigen lezing van de feiten.” Zijn slachtoffers moesten met afschuw toezien hoe Holleeder salonfähig was geworden.”

    En: “Zijn loyaliteit lag steeds bij degene waar het meest te halen viel,” aldus de aanklager. Zij wees erop dat zodra de loyaliteit verschoof, de slachtoffers moesten vrezen voor hun leven.”

  • Storing

    Precies op het moment suprême zijn er technische problemen: de perstribune heeft geen geluid. Holleeder is niet meer in de zaal.

  • 20.000 euro schadeclaim weduwe

    De zitting wordt vervolgd met een bespreking welke schadeclaims moeten worden gevorderd aan Holleeder voor de moorden waarvan hij wordt beschuldigd.

    De weduwe van Van der Bijl heeft bijvoorbeeld het lichaam van haar man gezien nadat die in zijn gezicht was geschoten. Ook moest zij zelf de kroeg schoonmaken waar de liquidatie had plaatsgevonden. Het OM vordert daarvoor een bedrag van 20.000 euro aan immateriële schade voor de weduwe.

  • Dreigementen naar Peter R. de Vries

    De officier van justitie verwijst naar de moord op Thomas van der Bijl als Holleeder met zijn zus Astrid spreekt over Peter R de Vries. De Neus was kwaad op De Vries vanwege de verfilming van het boek over de Heinekenontvoering, waar hij ook geld voor wilde. Holleeder zou hebben gedreigd De Vries te laten vermoorden, ‘net zoals hij met Van der Bijl had gedaan’.

  • Van der Bijl had ‘geen schijn van kans’

    Thomas van der Bijl werd op 20 april 2006 doodgeschoten terwijl hij zijn kroeg in West aan het stofzuigen was. “Hij had geen schijn van kans,” zegt de officier van justitie. Van der Bijl vreesde al langer voor zijn leven, verklaarde hij tegen de politie, voordat hij werd doodgeschoten.

    Holleeder zou Van der Bijl in 2005 al in elkaar hebben geslagen en Van der Bijl had ook al langer een kogelwerend vest. Op een ander moment kreeg hij ook al klappen, zegt de aanklager. “Ook hier was de Neus bij,” zeggen getuigen.

    Volgens de aanklagers had Holleeder meerdere motieven om opdrachtgever te zijn voor de moord op Thomas van der Bijl. Deze zou namelijk praten met de politie, wist Holleeder.

    De moord zou het trio Holleeder, Hillis en Soerel 100.000 euro hebben gekost, zo luiden verklaringen. Er werden meerdere moorden tegelijk uitgezet. Het trio zou ook hebben aangegeven in welke volgorde deze liquidaties zouden moeten plaatsvinden.

  • Rechtszaak holleeder begint met Houtman

    Het megaproces begint vandaag met de behandeling van de moord op Kees Houtman in 2005. Aan de grondslag van deze moord lag een ruzie over een woning in de Scheldestraat in Amsterdam.

    Officier van justitie benadrukt dat een deel van deze zaak al uitgebreid is besproken in een eerdere rechtszaak tegen Holleeder. Holleeder heeft betrokkenheid bij dit meningsverschil altijd ‘tegen de klippen op ontkend’.

    Houtman werd door Holleeder afgeperst. Volgens de aanklagers zou Houtman dezelfde weg afleggen als de daarvoor vermoorde Cor van Hout als hij niet zou betalen. De officier van justitie benadrukt dat erver Holleeder ‘een vleermuis’ werd genoemd. “Hij zuigt je leeg.”

    De aanklagers spreken over het beeld zoals Holleeder dat graag van zichzelf schetst. “Hij zet zichzelf neer als iemand die alleen maar andere mensen wil helpen, alles wat er gebeurt rond hem overkomt hem alleen maar.”

    Tegelijk zou Holleeder juist in de periode waarin hij Houtman zou hebben afgeperst, en voorafgaand aan de moordaanslag op hem, zich samen met Dino Soerel en Stanley Hillis hebben ontpopt tot een trio dat liquidaties niet zou schuwen.

  • Vanmiddag strafeis Willem Holleeder

    Er wordt nauwelijks nog getwijfeld dat het Openbaar Ministerie (OM) vrijdagmiddag een levenslange gevangenisstraf gaat eisen in de zaak tegen Willem Holleeder.

    De aanklagers zullen vandaag beginnen de twee laatste moorden te bespreken waarvoor zij Holleeder verantwoordelijk achten, die op de criminele kroegbaas Thomas van der Bijl en die op handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman. Zij zullen hun requisitoir waarschijnlijk rond drie uur afsluiten met de strafeis.

    Gisteren werden de eerste drie moorden besproken waarvan Holleeder wordt beschuldigd: die op Willem Endstra, John Mieremet en Cor van Hout. In alle gevallen stellen de aanklagers dat zij bewezen achten dat de Heineken-ontvoerder daarvoor de opdracht heeft gegeven.

    Volgens het OM staat in alle zaken vast dat Holleeder het brein is achter de liquidaties. Samen met zijn criminele partners Dino Soerel en Stanley Hillis zou Holleeder twee groepen uitvoerders hebben aangestuurd.

    De moorden op Endstra en Mieremet zouden volgens officier van justitie Sabine Tammes zijn gepleegd door een ‘moordcommando’ uit Alkmaar. De liquidatie van Van Hout moet, zegt het OM, op het conto worden geschreven van een groep rond Jesse R., een inmiddels tot levenslang veroordeelde huurmoordenaar.

    Gisteren vertoonden de twee officieren van justitie in de zittingszaal van de gerechtsbunker in Amsterdam-Osdorp een beeldpresentatie over de moorden op Endstra en Mieremet.

    Aan de hand van videofragmenten, foto’s, organogrammen en verklaringen van getuigen en verdachten bracht het OM daarin in kaart hoe de misdaadorganisatie van Holleeder en zijn handlangers in elkaar zou hebben gezeten.

    Op Holleeders tenlastelegging staan alles bij elkaar vijf moorden. Op mede-Heinekenontvoerder Cor van Hout in 2003. Op de malafide vastgoedbaron Willem Endstra in 2004. Op crimineel John Mieremet in 2005. En op Houtman in 2005 en Van der Bijl in 2006.

    Daarnaast verwijt justitie hem één doodslag op notenhandelaar Robert ter Haak (die naast Cor van Hout stond toen die met een machinegeweer werd neergemaaid). Bovendien wordt Holleeder verdacht van mislukte moordpogingen en het lidmaatschap van een criminele organisatie.

  • Morgen verder

    Voor vandaag zit het er op. Morgen gaat het slotbetoog verder met afsluitend de strafeis.

    Het Openbaar Ministerie (OM) acht bewezen dat Willem Holleeder opdracht heeft gegeven voor de moorden op Willem Endstra, John Mieremet en Cor van Hout. Dat hebben de aanklagers betoogd op de derde dag van het requisitoir in de strafzaak tegen Holleeder.

    Vrijdag bespreekt het OM de moorden op Kees Houtman en Thomas van der Bijl en rondt het de uiteenzetting af met de strafeis. Die zal naar verwachting een levenslange gevangenisstraf zijn.

  • Gefrustreerd

    De pauze is afgelopen. Volgens de aanklaagster was Holleeder al jaren ‘met Cor bezig’, de man van zijn zus Sonja en mede-Heinekenontvoerder. Volgens officier van justitie Tammes waren de twee zakelijk gebrouilleerd. “De zussen moesten altijd doorgeven waar Cor was.”

    Volgens het OM was dit omdat Holleeder Cor van Hout wilde vermoorden. Holleeder ging ervan uit dat als zijn zwager zou zijn geliquideerd, hij de beschikking zou krijgen over zijn bezittingen, maar het bleek dat Van Hout al zijn bezittingen al had verkocht voorafgaand aan de moord.

    Een van de zussen zei: “Hij was daar zeer gefrustreerd over.”