Niemand is ooit groots geworden door een ander klein te maken

10

COLUMNDavid en Arjan hebben één doel, Nederland het gelukkigste land van de wereld maken.

 

Jaloezie is een taboe. Niemand wil er last van hebben

Er was een tijd dat we verslaafd waren aan cursussen. We liepen seminars af van inspirerende sprekers. Elke keer gebeurde hetzelfde. De spreker had een goed verhaal en een goede show en overal om ons heen hoorden we het opgewonden geklets van de deelnemers: hij had nog een snaar geraakt óók. Het moest wel een onsympathieke vent zijn in het echt.

Terugkijkend verdiende onze reactie geen schoonheidsprijs: we kraakten het af. Wat een slechte goodiebag kregen we. Wat een sfeerloos ingerichte zaal. Dat verhaal hadden we ook al tien keer eerder gehoord. Moest dit nou zoveel geld kosten?

Als je naast ons had gezeten in zo’n volle zaal, met al die klappende mensen om ons heen, had je het in één keer kunnen zien: we waren jaloers op de man op het podium. Niet zo’n beetje ook. We waren stikjaloers.

De kracht van jaloezie is vernietigend. Je kent vast de buurman die zegt dat je inderdaad een mooie nieuwe auto hebt – maar jammer van de kleur. Of van een vriendin die je nieuwe woning bekijkt – en blijft zeggen dat de tuin geen vrij uitzicht heeft. Of als je collega een mooi compliment van de baas krijgt, dan zal ze zich wel hebben uitgesloofd voor hem. Het wordt er zelden gezelliger op.

Jaloezie is een taboe. Je hebt er geen last van of je wilt er geen last van hebben. Niemand is openlijk jaloers. Terwijl de oorzaken ervan misschien wel voor ons allemaal gelden: we geloven dat er te weinig plek is op de apenrots. Als jij daar al bovenop staat met je mooie auto, kan de buurman er niet meer naast. Of als die spreker al een geweldige zaal vult, vinden die mensen ons vast niet meer interessant.

De basisgedachte bij jaloezie is: er is niet genoeg voor ons allemaal. De vraag is of dat waar is.

Wat we gelukkig leerden in de jaren erna, is dat jaloezie nog een heel andere functie kan hebben: het gevoel wijst je op wat je graag wilt. Misschien verlang je wel heel erg naar datgene waar je jaloers op bent. Een compliment van je leidinggevende. Een mooi huis. Misschien kraakten we de spreker op het podium alleen maar af, omdat we daar eigenlijk, diep in ons hart, zelf wilden staan. Wanneer het lukt je eigen jaloezie te zien als je stiekeme verlangen, heb je meteen iets heel positiefs te pakken: je eigen ambitie. Je hoeft een ander niet meer af te branden om jezelf goed te voelen.

Sterker nog, de ander is opeens misschien wel je belangrijkste leraar, omdat hij je laat zien hoe jouw toekomst óók zou kunnen zijn.