Onderzoek naar grote waarschuwingsplaatjes op blikjes energiedrank

In het onderzoek naar energiedrankjes wordt ook gekeken naar mogelijkheden om grote waarschuwingsberichten – zoals op sigarettenpakjes – op de blikjes te plaatsen. Dat zei staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid) vandaag toe na vragen van Anne Kuik (CDA).

 

Een waarschuwing moet niet zo klein zijn dat niemand het kan lezen

Staatssecretaris Blokhuis

Blokhuis (ChristenUnie) liet gisteravond al weten dat er een onderzoek naar de energiedrankjes komt, nadat kinderartsen in deze krant de noodklok luidden over het gevaar van de drankjes. De artsen roepen op tot een verkoopverbod voor kinderen. Volgens de artsen, verenigd in de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK), leidt het drinken van de pepdrankjes bij jongeren tot klachten als rusteloosheid, moeheid, slaapproblemen en hartritmestoornissen.

Het onderzoek, dat mogelijk door het RIVM of de Gezondheidsraad wordt uitgevoerd, focust op de gezondheidseffecten van de combinatie van cafeïne en suiker op kinderen en jongeren. Maar dat gaat CDA-Kamerlid Kuik niet ver genoeg. Ze vroeg de staatssecretaris vandaag tijdens het wekelijkse vragenuurtje ook te onderzoeken hoe de energiedrankjes minder aantrekkelijk kunnen worden gemaakt. ,,Er staat nu wel een waarschuwing op, maar dat is zo klein dat echt niemand het kan lezen.” Kuik roept op grootste waarschuwingsplaatjes op de blikjes te zetten, net zoals nu ook de sigarettenpakjes staan.

Ongezond

Blokhuis vraagt zich af of het ooit zover komt, maar neemt de suggestie wel mee in het onderzoek. ,,Energiedrankjes zijn gewoon niet gezond. Er zit heel erg veel cafeïne en suiker in. Een waarschuwing moet niet zo klein zijn dat niemand het kan lezen. Dat is een schijnoplossing waar niemand wat aan heeft.”

Een verkoopverbod voor kinderen onder de achttien jaar ziet Blokhuis niet zitten. ,,We moeten niet met een schot hagel schieten, maar dit probleem heel gericht aanpakken”, aldus Blokhuis, die graag wil weten wat de omvang van het probleem is. ,,Er zijn meer producten die je voor je gezondheid beter niet of met mate kunt consumeren.” De bewindsman benadrukt dat het primair de verantwoordelijkheid van ouders is. Hij denkt ook dat scholen hierin een belangrijke rol kunnen spelen.