Veel criminele jongeren, en geen geld om iets te doen

jeugdbendes In de wijk Buitenhof werd al eens een grote jeugdbende opgerold. Maar Delft houdt overlast van jongeren. „In de Schilderswijk proberen ze die tenminste nog op het rechte pad te krijgen.”

Buitenhof in Delft. „De gemeente wil niet in deze wijk investeren”, zegt een bewoner. Foto’s David van Dam

Give me the money!” riepen ze. Of simpelweg: „Money!” Acht jongens pleegden eind vorig jaar een serie straatroven in Delft. Ze maakten telefoons buit, laptops, geld. Jaszakken werden doorzocht en tassen afgerukt. Een luchtdrukpistool ging van hand tot hand, slachtoffers werden geschopt en geslagen.

Afgelopen donderdag moesten vier van de acht jongens voor de Haagse rechtbank verschijnen om hun voorarrest te verlengen.

Sinds ze begin november opgepakt zijn, zitten ze vast op verdenking van diefstal en geweld in vereniging. De meesten in jeugdinstellingen. Want ze zijn nog jong, deze jongens: zestien, zeventien. Op de gang voor de rechtszaal mompelt de moeder van één van hen over haar vergeefse waarschuwingen over de „harde kern”.

Een van de jongens die moet voorkomen, is de achttienjarige Dwayne. Het verzoek van Dwaynes advocaat om hem vrij te laten in afwachting van zijn berechting, wordt door de rechter verworpen. De gepleegde feiten zijn te ernstig: op diefstal en geweld in vereniging staat doorgaans twaalf jaar celstraf. Bovendien is Dwayne als een van de weinige bendeleden meerderjarig.

Dwaynes advocaat, Öznur Kibaroglu-Batur, komt in Delft veel zaken tegen die precies lijken op die van Dwayne. Jonge jongens, vaak nog minderjarig, die vrij ernstige feiten plegen: inbraak, geweld, diefstal. Volgens Kibaroglu-Batur worden jongens als Dwayne opgehitst door media en sociale media. „Het zijn vaak jongens uit lagere milieus. Ze zien op tv of op Facebook dure schoenen, of een iPhone 6. Die willen ze hebben, maar het geld ervoor hebben ze niet. Als ze vervolgens op tv zien hoe snel criminelen aan geld kunnen komen door diefstal, denken ze: dat doe ik ook wel even. Dan heb ik zo die iPhone 6 bij elkaar.”

Wat deze jongens drijft, zegt Kibaroglu-Batur, is vooral erbij willen horen met stoere spullen.

‘Hofleverancier van Syrië’

Delft heeft al langer te maken met jeugdbendes die de straten onveilig maken. Vooral in de wijk Buitenhof – in de media ook wel de ‘hofleverancier van Syrië’ genoemd vanwege de vele IS-gangers die er vandaan komen. In 2013 werd in Buitenhof al een grote criminele jeugdorganisatie opgerold, bestaand uit bijna honderd leden van tussen de 16 en 30 jaar. En nog altijd kampt de buurt met jeugdoverlast en -criminaliteit. Jongeren hangen er op straat, vernielen deuren en bushokjes, gooien met stenen naar politieauto’s. Afgelopen jaarwisseling werden rond het kleine winkelcentrum van Buitenhof verschillende auto’s in de fik gestoken. De telefooncel naast de ingang van de supermarkt werd vernield, ruiten van winkels werden ingegooid.

Ook de deur van de kapperszaak werd tijdens Oud en Nieuw in elkaar getrapt. Op de nieuwe deur hangt een briefje: „Knippen alleen nog op afspraak”, met daaronder een telefoonnummer. De ruiten zijn nog steeds dichtgespijkerd met planken.

„Ze zijn bang geworden”, zegt buurtbewoner Moestafa Sealiti, met een hoofdknik naar de kapperszaak. Hij rolt een sigaret, staand naast zijn auto op de parkeerplaats van het winkelcentrum. Bij hem hing een tijdje een groepje jongens in de opslagruimte naast zijn huis. „Daar hadden ze de deur ook opengetrapt. Elke ochtend vond ik er peuken, blikjes, lege chipszakken.” Sealiti belde de wijkagent. „Het duurde zeven maanden voor ik die man te spreken kreeg.” En ook toen kon hij weinig voor hem betekenen. „Ik heb die jongens gewoon zelf moeten wegsturen.”

Logisch dat ze inbreken

Sealiti woont nu ruim twee jaar in Buitenhof. Daarvoor woonde hij meer dan dertig jaar in de Haagse Schilderswijk. „En het is hier precies hetzelfde als daar”, zegt hij, „met als verschil dat in de Schilderswijk nu allerlei organisaties goed bezig zijn om jongeren op het rechte pad te krijgen. Hier gebeurt dat nauwelijks”.

Volgens Sealiti is het „logisch” dat jongeren gaan inbreken en vernielen, omdat ze vanuit de gemeente niet genoeg worden begeleid. Het jeugdcentrum is te weinig open, vindt hij, en als het al open is, doen de jeugdwerkers niet genoeg om de jongeren bij de les te houden.

„Die gasten zijn gewoon blij dat ze betaald krijgen”, zegt Sealiti. „Ze pakken een bekertje koffie, gaan aan de kant zitten en laten die jongens gewoon hun gang gaan.”

Al het geld gaat naar die Technische Universiteit in het centrum. Hier doen de straatlantaarns het niet eens

Een bewoner van de wijk Buitenhof

Sealiti heeft zichzelf begin dit jaar aangemeld als jongerenwerker. Hij wilde iets veranderen, niet alleen maar klagen. Hij mocht op gesprek komen op het stadhuis, en zou worden teruggebeld over zijn aanstelling. Dat telefoontje is nooit gekomen. De gemeente is lui, vindt Sealiti nu. „Ze willen niet investeren in deze wijk. Ze houden blijkbaar liever het criminele systeem in stand.”

Een andere buurtbewoner die langs de kapperszaak loopt, op weg naar de Lidl-supermarkt, klaagt over ongelijk verdeelde gemeentesubsidies. „Al het geld gaat naar die Technische Universiteit in het centrum. En hier doen de straatlantaarns het niet eens.”

Het is niet zo dat de gemeente de problematiek in Buitenhof niet ziet. Sterker: wethouder Raimond de Prez (PvdA) van wonen en zorg heeft het over een „hele nieuwe generatie probleemjongeren” in Buitenhof. Volgens De Prez is de helft van de problematische jongeren met de arrestatieronde in 2013 de cel in gegaan, „en de andere helft is naar Syrië vertrokken”. Na 2013 nam het aantal meldingen van overlast en criminaliteit inderdaad even af, maar de gemeente ziet ze nu weer toenemen. Een nieuwe groep jongeren springt in het gat dat de vroegere onruststokers hebben achtergelaten, zegt De Prez. Een incident zoals met Oud en Nieuw is volgens de wethouder een teken aan de wand.

Leiders en meelopers

Waarom is het steeds Buitenhof waar het misgaat? Volgens De Prez komt dat door de „concentratie van probleemgezinnen” die daar ontstaan is. De wijk wordt gekenmerkt door veel sociale woningbouw, bewoond door mensen met een laag inkomen. Onder de jongeren op straat ontstaan volgens De Prez „netwerken die de verkeerde kant op gaan”. Jongens die elkaar opstoken, leiders en meelopers.

Afgelopen jaar ging de gemeente Delft bijna failliet door de hoge kosten van de nieuwe spoortunnel. Er moest bezuinigd worden. En daar ligt het probleem voor Buitenhof: voor een structurele oplossing van de jeugdproblematiek is simpelweg geen geld.

„Delft is een kleine gemeente met een grootstedelijk probleem”, zegt De Prez. „Alleen krijgen grote steden G4-toeslag, juist om dat soort problemen op te lossen.”

In Buitenhof blijft de aanpak van de jeugdproblematiek wegens geldgebrek dus beperkt tot het jeugdcentrum dat drie middagen per week open is, en bij ambulantwerkers die jongeren thuis en op school kunnen bijstaan. „We doen wat we kunnen”, zegt De Prez, „maar op dit moment is het dweilen met de kraan open”.

Twee weken geleden bracht een onderzoekscommissie onder leiding van oud-minister en -burgemeester Wim Deetman een onderzoeksrapport uit met een advies aan de stad. Daarin concludeerde hij dat Delft inderdaad structureel te weinig geld krijgt toebedeeld van het Rijk. En dat de stad ermee geholpen zou zijn als de wijken gemengder worden.

De gemeente gaat nu verder bepalen hoe ze de wijken gemengder wil krijgen. Intussen hoopt Delft ook op meer rijksgeld.

Voor Dwayne komt die steun in elk geval te laat. Hij moet meteen na de zitting weer terug naar de instelling waar hij sinds november vastzit. De week van 11 april houdt de meervoudige kamer vrij om alle acht bendeleden te berechten. Tot die tijd blijft Dwayne vastzitten.

Als de rechter hem vraagt of hij nog iets wil zeggen voor hij vertrekt, schudt hij zwijgend nee.1502bindelft_def1