Geliquideerde Amsterdams restaurant behoorde tot Kroatische bende

De 62-jarige man die maandag werd geliquideerd op het terras van een café-restaurant in de Amsterdamse Beethovenstraat is crimineel Ivan Serdarusic. Hij werd geboren in Kroatië maar verbleef waarschijnlijk al sinds de jaren negentig in onze hoofdstad.

Serdarusic, geboren in 1955, behoort volgens een bron in Kroatië tot een groep criminelen van wie er al verscheidene zijn geliquideerd. Hij had in Kroatië een fors aantal bedrijven op zijn naam staan, onder meer in onroerend goed, mede geleid door zijn zoons Sergio en Armando.

Via één van die bedrijven zou hij de campagne hebben gefinancierd van de populistische burgemeester Milan Bandic van Zagreb – die uiteindelijk in 2014 werd gearresteerd op verdenking van corruptie en machtsmisbruik.

Volop sporen

Zijn vrouw zou een kind hebben met de beruchtste crimineel van Kroatië, met wie hij bevriend was. Die ontkende de vader te zijn. Dat leidde tot een rechtszaak waarin de advocaat van de crimineel Serdarusic’ vrouw ervan beschuldigde met vele criminelen naar bed te zijn geweest – van wie het kind óók kon zijn.

Hij zou de campagne hebben gefinancierd van de populistische burgemeester van Zagreb

Beige hoedje

Serdarusic was in het Amsterdamse criminele milieu geen grote bekende. De schutter die hem maandag vermoordde, deed weinig moeite zich af te schermen en liet volop sporen na, maar is nog niet gevonden.

Nadat hij Serdarusic even voor drie uur ’s middags op het terras van Ferilli’s Caffè door zijn hoofd had geschoten, rende hij de hoek om, de Jan van Eijckstraat in. Daar gooide hij zijn vuurwapen met demper weg. Op zijn vlucht liet hij ook een beige hoedje, een zwarte laptoptas, een handschoen en een wit-blauw overhemd achter.

Minuten later was hij in de buurt van het Koningsplein in de binnenstad, heeft de recherche vastgesteld. Het onderzoeksteam houdt er rekening mee dat de schutter in een hotel verbleef in de omgeving van het Damrak en het Centraal Station.

Klein en gespierd

Waarschijnlijk had de dader – een kleine, gespierde, zongebruinde, kale man met een strak wit T-shirt en een witte sportbroek – in de uren voordat hij toesloeg al rondgehangen op de Apollolaan en in de Beethovenstraat.