Oud-crimineel Toon is uit de war en helpt nu mensen die in de war zijn

EINDHOVEN – Ooit was Toon Walravens uit Eindhoven danig van het padje. Nu spreekt hij over die ervaringen op congressen en is hij lid van het landelijk team dat zoekt naar een aanpak van het verschijnsel ‘verwarde personen.’

 

Deze maand in Eindhoven: ‘Verwarde vrouw zorgt voor paniek in appartementencomplex Eindhoven.’ Mevrouw was de rede uit het oog verloren, dreigde haar flat in brand te steken en werd naar het ziekenhuis gebracht. Om de haverklap verschijnen soortgelijke berichten in de media, over mensen met psychische problemen die zorgen voor onrust en gevaar. Ooit was Toon Walravens ook zo iemand. Je zou er een boek over kunnen schrijven. Samen met auteur Arnold Otten deed Walravens dat ook, onder de titel ‘Toon W. is hersteld.’

In 1961 werd Toon Walravens geboren in Eindhoven. Zijn ouders baatten er café De Kaak uit. Daar leerde ‘Toontje van de Kaak’ al vroeg veel verkeerde dingen. Rond zijn veertiende pleegde hij zijn eerste strafbare feiten. Thuis werd dat niet afgestraft, iedereen was met zichzelf bezig. Nog voor zijn achttiende belandde Toon in jeugdgevangenissen. Na vrijlating ging hij werken in de bouw in Duitsland en begon hij cocaïne te gebruiken, op het laatst acht gram per dag. Soms ook verwondde hij zichzelf in die periode. Het waren de eerste tekenen van een psychische aandoening.

Op zijn 26ste begon Toon met diefstallen uit vrachtwagens. Iets later verdween hij anderhalf jaar achter de tralies vanwege ‘een verzekeringskwestie.’ Op zijn dertigste werd hij opgepakt bij ‘een vrachtwagenklus.’ Opnieuw kreeg hij celstraf, vijf jaar deze keer, ‘als leider van een criminele organisatie.’ In die vijf jaar kwam er een ommekeer. Zijn vrouw zocht hem op in de gevangenis en zei: ‘Toon, ik hou van jou, maar niet van jouw leven. Daar moet je iets aan doen.’ Toon en zijn vrouw zijn anno 2018 nog steeds samen en hebben een zoon.

In de periode voor zijn laatste en zwaarste gevangenisstraf, was Toon de weg kwijt. Agressief, ongezeglijk, vaak onder invloed, soms ronduit psychotisch en gevaarlijk. Zat hij na coke-gebruik naar The Godfather te kijken, zag hij geesten in de gordijnen zitten en kroop hij weg achter de bank. Was hij bezig met een ‘vrachtwagenklus’, zag hij overal beveiligingsmensen zonder gezichten. ,,De angst, de paniek die je dan voelt is niet te beschrijven.”

In de vijf jaar dat Walravens vastzat sloeg hij een andere weg in. Afkicken, psychologisch onderzoek, traumabehandeling, een hele trits aan therapieën. Vanuit de halfopen penitentiaire inrichting Maashegge in Overloon ging hij overdag naar de GGzE in Eindhoven. In Helmond woonde hij een tijd in de beschermde woonvorm RETour. Aan het eind van alle behandelingen is Walravens hersteld. Wat iets anders is dan volledig genezen. Hij kampt nog met depressies en stemmingswisselingen. ,,De stemmingswisselingen zijn heel bepalend. Ik heb geleerd me er niet tegen te verzetten. Het is constant balanceren.”

De stem­mings­wis­se­lin­gen zijn heel bepalend. Ik heb geleerd me er niet tegen te verzetten. Het is constant balanceren

Toon Walraven

In 2003 werd Walravens gevraagd voor de centrale cliëntenraad van de GGzE. Hij ging vrijwilligerswerk doen, volgde cursussen, opleidingen en groeide uit tot wat hij nu is: beleidsmedewerker herstel en rehabilitatie in de forensische kliniek De Woenselse Poort en lid van het landelijke Schakelteam Verwarde Personen. Dat zoekt onder leiding van Onno Hoes naar manieren ‘verwarde personen’ beter te ondersteunen. Eind januari spreekt Walravens vanuit zijn ervaring op een landelijk congres waar hij hulpverleners aanbevelingen zal doen door in te gaan op valkuilen en struikelblokken.

Forensisch cliënt

,,Ik was eerst gedetineerd, maar werd forensisch cliënt. Als je dan naar een kliniek gaat met psychische problemen, verwachten ze meteen dat je je gaat openstellen. Alsof het vanzelfsprekend is dat je hulp vraagt. In de gevangenis heb je juist geleerd geen hulp te vragen, want als je met bewaarders praat kun je gezien worden als overloper en met medegedetineerden praat je sowieso niet over je problemen. Dat is zwakte tonen en kan later tegen je gebruikt worden. In de kliniek verwachten ze dat je hulpverleners vertrouwt, maar het vertrouwen in anderen ben je net helemaal kwijt. Hulpverlening zou meer volgend moeten zijn, meer moeten aansluiten bij het verhaal van de cliënt. Daarvoor is een omslag nodig.”

Na zijn vrijlating kreeg Walravens een paar keer het deksel op zijn neus. ,,Heb je keihard aan jezelf gewerkt, ga je naar het UWV en uitzendbureaus, krijg je overal te horen dat je verleden het vinden van een baan bemoeilijkt. Eens een dief, altijd een dief, eens psychiatrisch patiënt, altijd psychiatrisch patiënt. Bij het uitzendbureau zeiden ze: ‘Wij gaan u niet inschrijven want we krijgen u toch niet bemiddeld. U kost ons geld.’ Letterlijk. Daar ben je niet goed op voorbereid.”

Toon Walravens

Toon Walravens © Fotopersburo van de Meulenhof bv

Alcohol

,,Wat ik verafschuw is hoe er gereageerd wordt als iemand die in de war is en bij voorbeeld zijn huisraad naar buiten gooit. Aan handen en voeten boeien helpt dan niet mee. Bij mij in de straat woont een oorlogsveteraan met een post traumatische stress stoornis. Hij drinkt en zorgt voor veel overlast. Daar komt bij dat zijn huis een beetje een verzamelplek voor drugsgebruikers is. Ik heb hem bij mij thuis uitgenodigd. Hij had een blik bier bij zich, wij zelf drinken geen alcohol. Hij vertelde dat hij in Kroatië verschrikkelijke trieste dingen heeft meegemaakt. Ik begon steeds meer begrip voor hem te krijgen en hij heeft zijn verhaal gedeeld met de buurt. De wijkagent is bij zijn verhaal betrokken, ik heb meegeholpen een schadevergoeding voor hem te regelen, ben dingen met hem gaan doen. Door zijn verhaal te kennen, leerde ik anders met hem om te gaan. Je moet er wel open voor durven te staan. Voor mij met mijn verleden is dat misschien gemakkelijker dan voor anderen. Maar wat ik raar vind, is dat hulpverleners soms praten over professionele afstand. Ik snap wel dat je niet 24 uur per dag klaar kunt staan, maar laten we ons alstublieft menselijk opstellen. Professionele nabijheid noem ik dat.”

Walravens vertelt zijn verhaal in het gebouw van Groeirijk, het cliëntenbelangenbureau van de GGzE in Eindhoven, waar hij ambassadeur van is. Hij pleit er voor compassie met ‘verwarde mensen.’ Dat zal hij op 30 januari ook doen op een landelijk congres van het Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid. Een dag na het interview stuurt hij een app met de boodschap in zijn verhaal op het congres. ,,Elk mens komt ontwrichtingen tegen, de mens kent verwarringen. Maar in onze laatste adem zijn we allemaal de ongecompliceerde sterveling.”