Oud-rechercheur creëert zijn eigen moord

 

 

In een uitgebrande woning in Appingedam wordt het verkoolde lichaam van de bewoonster gevonden bij een openstaande kluis. Roofmoord? Een nieuwe klus voor rechercheur Lucien de Lange, de hoofdpersoon in de tweede misdaadroman van Kajé Dijkema, oud-rechercheur van de Groninger politie.

Dijkema werkte meer dan veertig jaar bij de politie, waarvan met name de laatste twintig jaar als rechercheur aan spraakmakende moord- en drugszaken. De moord op de Groninger Gerard Meesters, meerdere prostituees, Jan de Wit uit Oude Pekela en Els Slurink uit Groningen en grote (internationale) drugszaken. Veel zaken staan hem nog vers in het geheugen, tot in de kleine details. Een schat aan informatie die de gepensioneerde politieman nu goed goed van pas komt.

Niet autobiografisch

Kajé Dijkema – zijn artiestennaam – beweert dat zijn boeken niet autobiografisch zijn, maar een goede verstaander ziet in zijn nieuwe boekObsessies overeenkomsten met de moordzaak rond kapster Gonda Smit-Drent uit Hoogezand. Zij kwam in 1996 om bij een brand in haar woning aan de Hoofdstraat.

Pas in 2009 werd haar echtgenoot Reinier Smit veroordeeld tot 15 jaar celstraf omdat hij haar zou hebben omgebracht en daarna het huis in brand stak. Dijkema maakte deel uit van het Groninger coldcaseteam dat zich op deze oude moordzaak stortte. ,,Wat waren we blij toen we eindelijk deze zaak wisten op te lossen.’’

Niet autobiografisch dus, maar de boeken van de auteur van het Groninger platteland zijn gestoeld op de werkelijkheid. ,,Ik blijf met de hoofdpersoon uit mijn boeken dicht bij mijzelf. Ik kruip in de huid van De Lange: een eigenzinnige, nuchtere Groninger die gewoon zijn werk doet en met collega’s probeert een moord op te lossen. Af en toe balanceert hij op het randje. Ook ik deed wel eens dingen die formeel niet mochten. Mijn boeken zijn fantasie met elementen uit mijn herinneringen. Het zou zo in het echt kunnen gebeuren.’’

‘Bol van karikaturen’

Spannende verhalen, maar verwacht geen buitensporige wendingen of onverwachte plots. De auteur gruwt van al te geromantiseerde thrillers en de vele televisieseries die omwille van de spanning politiezaken ver bezijden de waarheid brengen. Flikken Maastricht? Hij kan het niet aanzien. ,,Die serie staat bol van karikaturen van situaties en mensen. Ik wil de lezer meenemen in situaties die echt in de praktijk voorkomen.’’ De boeken verhalen daarom ook over langlopende onderzoeken, vertraagd door voorschriften en procedures, lastige advocaten en niet meewerkende chefs.

In zijn ruim veertigjarige carrière bij de politie zijn de opsporingsmogelijkheden verfijnd. ,,Daarmee is de romantiek verdwenen. Vroeger moest je met een paar mensen alles doen en had je als rechercheur de vrije hand om te pionieren’’, schetst Dijkema. ,,Binnen de recherche zie je nu steeds meer specialisaties. Veel specialisten die allemaal betrokken zijn bij een plaats delict. Wel zo professioneel, maar minder romantiek.’’

Dijkema had moeite met de reorganisaties bij de politie in zijn laatste werkzame jaren. ,,Steeds meer bureaucratie en regelgeving.’’ Na 42 jaar had hij er vrede mee om te vertrekken, nu vijf jaar geleden. Maar zijn speurderswerk was zijn passie en het niks doen viel hem zwaar. Om het gat te vullen, ging hij schrijven: True crime met een thrillersausje. ,,Het recherchevak was mijn passie, mijn leven. Daar geef ik nu een vervolg aan door er over te schrijven.’’

Regionaal

De verhalen spelen zich af in de regio. Hoofdpersoon De Lange werkt vanuit een klein politiebureau in Delfzijl. In die plaats wordt ook de moord in zijn eerste boek Dwaallichten en vallende sterren gepleegd. Het Eemshotel heeft een prominente plek in het boek.

Obsessies is vorige week verschenen, aan het begin van de Spannende Boeken Weken. Het thema van dit jaar, Bloed in de polder, is Dijkema op het lijf geschreven. ,,Ik ben een echte polderjongen. Hier geboren en getogen’’, zegt hij wijzend naar het weidse landschap achter zijn woning in plattelandsdorp Wittewierum.

Hij heeft niet de illusie of de pretentie ooit de Gouden Strop – de jaarlijkse prijs voor de beste spannende roman – te winnen. ,,Maar bekendheid in de regio zou wel mooi zijn.’’