‘Spijt dat ik Willem niet heb vermoord’

Astrid Holleeder heeft spijt dat ze haar broer, crimineel Willem Holleeder, niet heeft vermoord. “De dood is namelijk veel humaner dan voor de rest van je leven opgesloten te moeten zitten”, zegt de advocaat en schrijfster in Trouw.

“Wim is een lafaard. Hij laat anderen het vuile werk opknappen en maakt daarmee ook de levens van de opdrachtnemers kapot. Hij verspreidt het kwaad. In zekere zin is hij daarmee een grotere misdadiger dan degene die de moord uiteindelijk pleegt”, zegt Astrid Holleeder. “Wim zal pas rusten als ik dood ben. En ik heb pas rust als hij er niet meer is (..) Misschien is een shoot-out wel de beste oplossing: wij samen in één ruimte en dat je dan na afloop twee lijken weg kan dragen.”

“Door Wims toedoen werden wij, Holleeders, maatschappelijk uitgescheten. Hoe voorbeeldig ik me ook gedraag, ik zal altijd de zus zijn van de man die twee oudere heren drie weken lang in doodsangst aan een paar kettingen gevangen heeft gehouden”, zegt ze, verwijzend naar de ontvoering van biermagnaat Heineken en zijn chauffeur.

Astrid Holleeder is getuige in het proces tegen haar broer. Ze heeft twee autobiografische bestsellers geschreven, Judas en Dagboek van een getuige.

ANP