Johan van Laarhoven mag ook niet éven uit de gevangenis

VUGHT – Johan van Laarhoven blijft voorlopig in de gevangenis in Vught zitten. Een verzoek om zijn straf tijdelijk te onderbreken zodat hij zijn 88-jarige moeder kan zien, is afgewezen.
René van der Lee  Bron: BD

De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) schrijft in zijn uitspraak dat de wens van Van Laarhoven ‘begrijpelijk’ is, maar toch te weinig gewicht in de schaal legt. De 59-jarige grondlegger van coffeeshopketen The Grass Company werd na 5,5 jaar gevangenschap in Thailand op 16 januari van dit jaar overgebracht naar Nederland. Sindsdien zit hij in de gevangenis in Vught. De 75 jaar cel die hij in Thailand kreeg opgelegd, zijn omgezet naar een straf van tien jaar en acht maanden. Op 28 augustus 2021 zou hij vrij man kunnen worden.

Kort geding
Onmiddellijk na zijn terugkomst in Nederland spande Van Laarhoven een kort geding aan waarmee hij een ziekenhuisopname probeerde af te dwingen. Bij de rechtbank in Den Haag ving hij bot , het hoger beroep loopt nog. Zijn advocaat Geertjan Knoops vertelde tijdens het kort geding dat Van Laarhoven in de Klong Prem-gevangenis in Bangkok zestien medische aandoeningen heeft opgelopen. Inmiddels is hij -in het Amsterdamse AMC gedotterd-, maar volgens Knoops is de medische toestand van Van Laarhoven nog steeds ‘zeer penibel’. De RSJ vindt dat hij in de PI Vught voldoende medische zorg kan krijgen.
Nu gedetineerden sinds de uitbraak van het coronavirus geen bezoek meer mogen ontvangen, voerde Van Laarhoven nog een ander argument aan om zijn straf tijdelijk te onderbreken: de slechte gezondheid van zijn 88-jarige moeder. In een brief aan minister Dekker schreef moeder Van Laarhoven dat een hereniging met haar zoon ‘nog wat vreugde zou kunnen brengen in de laatste fase van haar leven’. De RSJ noemt de wens ‘invoelbaar’, zeker gezien de beroerde omstandigheden waaronder Van Laarhoven in Thailand gevangen zat. Maar de Raad schrijft ook dat de Thaise overheid uit moet kunnen gaan van een ‘spoedige en volledige tenuitvoerlegging van de straf’. De omzetting van de Thaise straf naar tien jaar en acht maanden geschiedde op grond van de Wet Overdracht Tenuitvoerlegging Strafvonnissen (WOTS).
Advocaat Knoops zegt dat Johan van Laarhoven ‘ernstig teleurgesteld is in zijn eigen overheid’. Dat is ook omdat hij vindt dat de overheid onvoldoende doet om zijn -tot zeven jaar veroordeelde- vrouw Tukta naar Nederland te halen. Minister Grapperhaus schreef eerder aan de Tweede Kamer dat ‘Nederland zich waar passend en mogelijk blijft inzetten voor haar vervroegde invrijheidsstelling in Thailand’. Omdat de vrouw de Thaise nationaliteit heeft, kwam zij niet in aanmerking voor uitlevering. Van Laarhoven heeft een nieuwe klacht ingediend bij de Nationale Ombudsman.