Tweede Kamerspringer: ‘Mijn dood had geen verschil gemaakt’

Hij zit er weer, met zijn rijdende reclamezuil op het Plein in Den Haag. Hans Kamperman (65) sprong twee weken geleden van de tribune in de Tweede Kamer met een touw om zijn hals. De cannabisactivist uit Groenlo hield er wonderbaarlijk genoeg niets aan over.

 

Een wonder dat u hier vandaag weer op het Plein zit?
,,Absoluut. Ik had dood moeten zijn, dat zeiden de dokters ook. Het touw om mijn nek was drie meter lang. Zo’n klap op je nek kan je onthoofden. Ik koos bewust voor een methode die, dacht ik, definitief was.”

Maar u leeft nog..
,,Klopt. Toen ik een paar minuten later bijkwam, snapte ik niet waar ik was. Was dit de hemel of leefde ik nog? Kamerlid Van Tongeren zat bij me en Kamervoorzitter Arib hield mijn hand vast. Een surreëel moment, om geholpen te worden door politici die mij al die jaren niet wilden horen. Minister Grapperhaus zei nog tegen me ‘We gaan met je praten’, maar ik heb niks meer gehoord.”

Mijn dood had geen verschil gemaakt

Hans Kamperman

Waarom besloot u om van die tribune af te springen?
,,Het begon met een arrestatie. In 2016 werd ik opgepakt voor vijf wietplantjes. Ik teelde die planten zodat een vriendin van mij wietolie, wat niet meer in het zorgpakket zit, aan zieken kon verkopen. Ik werd schuldig verklaard en neergezet als de Pablo Escobar van Groenlo.Toen ben ik een petitie gestart voor de legalisering van cannabis. Ik heb tientallen brieven gestuurd naar de Tweede Kamer en twee maanden voor de ingang van het parlement gestaan, maar heb nooit een reactie gekregen. Ik besloot dat ik mijn leven ervoor wilde geven. Misschien zou dat de politiek opschudden, dacht ik.”

Is er spijt?
,,Ik heb spijt voor de getuigen die de beelden op hun netvlies hebben. Ik heb niemand pijn willen doen, ook mijn kinderen niet. Ik dacht dat ik het deed voor hun toekomst, maar ik besef nu hoe stom en naïef dat was. Mijn dood had geen verschil gemaakt. Ik was de boeken ingegaan als een verwarde man.”