Verkoop van drugs ‘onder de toonbank’ floreert

Nergens in Nederland wordt zoveel drugs onder de toonbank verkocht als in Rotterdam en Den Haag. De twee Zuid-Hollandse steden tellen elk 10 á 20 zogeheten ‘winkel- en horecadealers’, ofwel middenstanders die er ook nog een drugshandeltje op nahouden.

 

Volgens onderzoeksbureau Intraval, gespecialiseerd in onderzoek naar criminaliteit en verslaving, is de ‘onder de toonbank’-verkoop een typisch fenomeen voor grote Zuid-Hollandse steden. In het hoge noorden en de regio Zeeland-West-Brabant komen deze praktijken maar mondjesmaat voor. In alle overige delen van het land zijn, voor zover meetbaar, geen winkel- en horecadealers actief. Ook niet in Amsterdam.

In Rotterdam is naar aanleiding van het rapport een discussie losgebarsten over de vraag of er meer coffeeshops moeten komen in de stad. D66 en GroenLinks vinden van wel. In hun ogen heeft burgemeester Aboutaleb het probleem van ‘onder de toonbank’-verkoop zelf in de hand gewerkt met zijn anti-coffeeshopbeleid. Telde de stad in 2007 nog 65 coffeeshops, dit jaar zijn dat er nog maar 37. Het laatste slachtoffer van Aboutalebs uitsterfbeleid is coffeeshop Trefpunt in het centrum, dat gisteren te horen kreeg dat het vanaf zaterdag dicht moet omdat het te dicht bij een school staat.

Het Rotterdamse GroenLinks-raadslid Arno Bonte vindt dat coffeeshops op dezelfde manier moeten worden behandeld als cafés. ,,Als er geen overlast voor de omgeving is, dan is er een geen enkele reden om de komst van een nieuwe coffeeshop te dwarsbomen.” Zijn D66-collega Robin de Roon laat zich in soortgelijke bewoordingen uit. ,,Met het sluiten van de ene na de andere coffeeshop speel je de illegale handelaren alleen maar in de kaart.”

Kort door de bocht
Onderzoeker Jacco Snippe van Intraval vindt het te kort door de bocht om te stellen dat de ‘onder de toonbank’-verkoop het gevolg is van de lage coffeeshopdichtheid. ,,Al is het natuurlijk wel waar dat softdrugs in Amsterdam veel gemakkelijker te verkrijgen zijn: op bijna elke hoek van de straat vind je een coffeeshop.”

Bovendien, zegt Snippe, kampen ze in de hoofdstad weer met een verschijnsel dat in Rotterdam en Den Haag nauwelijks voorkomt: straathandel. ,,Ook kan het zijn dat de ‘onder de toonbank’-verkoop zich elders in het land onder de radar afspeelt. Ons onderzoek is gebaseerd op informatie van lokale experts.”

Uit het rapport komt verder naar voren dat het aantal buitenlanders dat speciaal naar Nederland reist om softdrugs te kopen bij een coffeeshop stagneert. Dat heeft onder meer te maken met verkoopbeperkingen: een aantal gemeenten handhaaft streng het zogeheten ingezetenencriterium (i-criterium: je mag alleen in een coffeeshop kopen als inwoner bent van Nederland).