wiet kweken in de vrije natuur

Heb je geen tuin, balkon of geschikt raamkozijn maar wil je toch graag buitenwiet kweken? Kweek je wietplanten dan gewoon in de vrije natuur. In de volle grond heeft een wietplant immers niet veel meer nodig dan een beetje licht en water en dat is daar volop. Zó is je kans op guerrilla kweeksucces het grootst!

Guerrilla wiet kweken is wiet kweken in de vrije natuur. Het is een slimme manier om toch buitenwiet te kunnen kweken wanneer je dat thuis om een of andere reden niet kunt doen. Misschien heb je gewoon geen tuin of balkon, of misschien staat in er je huurcontract dat dat ontbonden wordt zodra er een wietplant bij je wordt gevonden. Of wil je gewoon méér dan vijf wietplanten kweken. Wat de reden ook is, in de natuur is altijd wel een plek voor jouw wietplanten, en zo zorg je ervoor dat ze daar de hele zomer lang rustig kunnen groeien en bloeien.

Stap 1 – Ontdek je plekje

In de natuur is ruimte genoeg, alleen moet je wel even goed zoeken om een geschikte plek te vinden. Je guerrilla kweeksucces valt of staat namelijk met de locatie die je kiest. Je wietplanten moeten er genoeg licht kunnen opvangen en voldoende water uit de grond kunnen opnemen maar bovenal moet een goede kweeklocatie in de vrije natuur maandenlang verborgen blijven. Omdat het risico op ontdekking, en de kans dat je wietplanten een leven in de natuur niet overleven altijd aanwezig is, vergroten sommige guerrilla kwekers hun kansen door wietplanten op meerdere locaties uit te zetten.

Met Google Maps in satelliet-weergave vind je de mooiste guerrilla-kweekplekken! Foto: dennizn, Shutterstock

Op een goede kweekplek moet zoals gezegd genoeg zonlicht schijnen en een goede vochtige en vruchtbare bodem hebben. Het is echter minstens zo belangrijk dat de plek goed verborgen is. En omdat je er van tijd tot tijd toch bij moet kunnen, is het handig dat je kweeklocatie niet ál te ver van huis is. Goede kweekplekken zijn te vinden langs de waterkant, de grond is vochtig en er groeit vaak riet dat je wietplanten uit het zicht houdt. Kijk ook uit naar plekken waar veel brandnetels groeien, daar is de grond namelijk goed geschikt en de prikkende brandnetels houden mensen uit de buurt. Als je een bevriende maïsboer kent die je op zijn akker laat kweken heb je geluk, anders kunnen sloten, oevers en bermen tussen maïsvelden in ook een goede plek zijn.

Tip! Kijk, voordat je met een rugzak vol met wietzaad de deur uit gaat eerst op Google Maps om potentiële kweeklocaties op te sporen. Zoom in op het gebied rond je huis en zet de kaart op satelliet instelling om de natuur goed te bekijken. Van bovenaf kun je precies zien waar sloten en oevers en dergelijke liggen die een goede kweeklocatie zouden kunnen zijn. Je kunt ook meteen berekenen hoeveel kilometer de goede plekken van je huis afliggen.

Stap 2 – Kies een goede wietsoort

Voor een kweek in de vrije natuur zijn niet alle wietsoorten even geschikt. Natuurlijk moeten ze tegen de elementen en ons klimaat kunnen, maar guerrilla wietplanten moeten bovenal een beetje discreet zijn. Planten die tot metershoge wietbomen uitgroeien vallen daarom af. Autoflowers zijn daarentegen wel geschikt, ze zijn klein van stuk en bloeien snel af waardoor je ze kunt oogsten voordat de politie met helicopters en drones gaat speuren. Ook loop je daardoor een stuk minder risico dat je wietplanten ten prooi vallen aan toprot en omdat de levensduur van een autoflower gewoon een stuk korter is, zullen ze minder snel worden opgemerkt.

Frisian Duck is de ultieme gecamoufleerde wietplant, nietsvermoedende boswachters en passanten lopen er straal voorbij.

Tip! Dutch Passions Frisian Duck is dé camouflage specialist onder de wietplanten. Haar toppen worden mooi paars en de bladeren van deze wietsoort hebben een compleet andere vorm dan de bekende typische wietbladeren. Een boswachter of nietsvermoedende passant zou er straal voorbij lopen. Frisian Duck is daarnaast ook nog eens zeer geschikt voor het klimaat in de lage landen.

Stap 3. – Kweek wiet als een ninja

Bezoek je kweeklocatie(s) eerst een keer zonder wietplanten om te zien of ze echt wel aan je eisen voldoen. Halverwege mei kun je je planten buiten gaan uitzetten maar simpelweg zaden in de grond stoppen is geen goed idee. De kans dat ze overleven wordt namelijk een stuk groter wanneer je ze thuis laat ontkiemen en ze als zaailingen van een week of twee oud in de grond stopt. Als je veel wietzaden wil uitzetten, laat ze dan op zijn minst eerst thuis twee dagen ontkiemen.

Voor een goed begin van je guerrilla buitenkweek, is het ook belangrijk dat je een beetje op het weer let. Het beste kies je een bewolkte dag en wanneer er ook nog eens regen is voorspeld komt dat helemaal goed uit. Dat geeft je zaailing de beste kans om de kwetsbare eerste dagen door te komen zonder dat ze meteen uitdrogen. Bescherm je zaailing door er meteen een kringetje slakkenkorrels omheen te strooien en een klein hekje van wat kippengaas omheen te zetten.

De eerste weken zijn cannabis zaailingen erg kwetsbaar, bescherm ze met slakkenkorrels en kippengaas. Foto: GETSARAPORN, Shutterstock

Let op dat je niet gezien wordt wanneer je je een weg van het bospad af naar je kweeklocatie baant. Sluip als een ninja dus! Nou ja, das misschien ook wat overdreven maar kijk wel goed om je heen. Hetzelfde geldt wanneer je je wietplanten later bezoekt om ze te verzorgen. En mocht je eens geen wietplanten maar een boze boswachter of agenten treffen, ontken dan altijd dat de wietplanten van jou zijn! Zelfs als je op heterdaad betrapt wordt, kun je nóg volhouden dat je de planten bij toeval zag staan. No worries dus voor de politie 🙂

Tip! Voorkom dat je guerrilla wietplanten vanuit de lucht worden ontdekt en zet ze niet in een groep bij elkaar. Verspreid ze tussen de normale begroeiing van de natuur en er is geen helikopterpiloot of drone-bestuurder die ze herkent!

Stap 4. – Verzorg je wietplanten

Wanneer je guerrilla wietplanten de eerste weken hebben overleefd, ben je al een heel eind op weg naar een succesvolle oogst. Je zult je wietplanten zeker in de eerste weken nog wel wekelijks moeten bezoeken om zeker te weten dat ze het goed maken. Als je een goede plek hebt gekozen dan valt dat de verzorging reuze mee want dan doet de natuur het meeste werk. Je kunt de bezoekjes dan eventueel minderen tot een keer per maand. Supercrop je planten en top ze eventueel om ervoor te zorgen dat ze wat lager blijven. Laat autoflowers echter gewoon groeien want die worden sowieso niet al te groot.

Maak je niet al teveel zorgen over plantenvoeding want een wietplant die in de volle vruchtbare grond staat, kan daar alle voedingsstoffen uit halen die nodig zijn

Maak je niet al teveel zorgen over plantenvoeding want een wietplant die in de volle vruchtbare grond staat, kan daar alle voedingsstoffen uit halen die nodig zijn. Merk je in de bloeifase toch dat je wietplant wat te kort komt, kies dan voor vaste voedingstoffen zoals Vertafort korrels, bloedmeel, beendermeel of BAC’s speciale Bio Pellets.