‘Holleeder geen opdrachtgever moord Endstra’

Er is geen enkel bewijs dat Willem Holleeder achter de moord op vastgoedmagnaat Willem Endstra in 2004 zit. Dat stelde zijn raadsman Sander Janssen vandaag in de extra beveiligde rechtbank in Osdorp. Daar vroeg de strafpleiter de rechtbank het voorarrest van Holleeder in de zaak-Endstra op te heffen.

 

Janssen ging in op de situatie in de Amsterdamse onderwereld in de jaren voor de moord op Endstra en de rol die de vastgoedman daarin als witwasser van crimineel geld vervulde. Daarbij schetste de strafpleiter gedetailleerd hoe de vastgoedman steeds dieper in de problemen kwam, toen steeds meer criminelen hun ingelegde geld terug wilden.

Volgens Janssen werd Endstra uiteindelijk van tal van kanten belaagd. Een getuige zei dat de vastgoedman kort voor zijn dood in paniek was omdat hij niet aan contant geld kon komen voor een groep Colombianen die hem zwaar bedreigden. Over Holleeder zei Endstra destijds dat die ,,de man met het geld niet zou doodmaken.”

De vastgoedman had Holleeder toen in geheime ‘achterbankgesprekken’ met de recherche al wel aangewezen als degene die hem samen met andere criminelen afperste. Maar volgens Janssen staat inmiddels controleerbaar vast dat Endstra daarbij een reeks onwaarheden vertelde en onder meer de in 2005 geliquideerde crimineel John Mieremet uit de wind hield. ,,Alles werd in de schoenen van Holleeder geschoven.”

Hersenbloeding

Holleeder kreeg negen jaar cel voor de afpersing, maar vertelde in dit proces pas dat hij zelf ook geld – zijn aandeel van het Heinekenlosgeld – bij de vastgoedman had ingelegd. Betrokkenheid bij de moord heeft hij ontkend.

De man die Endstra vermoedelijk doodschoot, overleed in zijn cel aan een hersenbloeding. Drie mannen die justitie als tussenpersonen ziet, werden vrijgesproken. In het hele dossier is er volgens Janssen ‘niet één punt’ dat Holleeder aan hen koppelt.

Aanval

Afgelopen maandag werd het strafproces tegen Holleeder hervat. Hij opende toen opnieuw de aanval op zijn zussen Astrid en Sonja. ,,Mijn zussen nemen de boel in de maling. Ze liegen en hun enige motief is geld.” In een verklaring stelde hij dat hij met zijn advocaten ‘vanaf dag één’ heeft besloten zijn verhaal in de rechtszaal te doen en niet in de media. Daarbij beschuldigde hij zijn zus Astrid en Peter R. de Vries ervan het proces voortdurend via de media te beïnvloeden.

Het Openbaar Ministerie reageert volgende week donderdag. Het is nog onduidelijk wanneer de rechtbank beslist. Het proces gaat morgen verder.